Cognitieve Gedragstherapie

Cognitieve gedragstherapie (CGT) is een verzamelnaam voor hulpvormen waarin cliënten leren hoe ze beter kunnen omgaan met hun negatieve gedachten en gevoelens over zichzelf en hun omgeving. Iedereen doet, denkt en handelt op een bepaalde manier. We leren zo gaandeweg in ons leven hoe we ons moeten gedragen en we krijgen een beeld van anderen en de wereld om ons heen. Ons beeld kan vervormd zijn, ons denken en gedrag ook door iets wat we pas hebben meegemaakt. We raken in de problemen met onszelf en anderen.
Het kan ook zijn dat klachten ontstaan zijn door gebeurtenissen in het verleden, waardoor we bijvoorbeeld negatieve ideeën over onszelf hebben gekregen. Als dat gebeurt dan snappen mensen vaak zelf niet waarom ze aldoor zo gespannen of bang zijn of waarom ze zo op zien tegen allerlei zaken en in paniek kunnen raken. Gelukkig kan iemand leren om anders om te gaan met iets waar hij bang voor is of waar hij last van heeft. Door deze therapie kunnen weer nieuwe ervaringen opgedaan worden, waardoor het zelfvertrouwen groeit en waardoor de klachten minder worden.
Technieken die in cognitieve gedragstherapie vaak gebruikt worden zijn bijvoorbeeld cognitieve herstructurering, psycho-educatie en blootstelling of ‘exposure’. Er wordt vaak gebruik gemaakt van bepaalde oefeningen en huiswerkopdrachten.
Er is veel onderzoek gedaan naar de effectiviteit van cognitieve gedragstherapie bij bijvoorbeeld het behandelen van depressie, angst of gedragsproblemen. De onderzoeksuitkomsten laten zien dat cognitieve gedragstherapie bij deze problemen doorgaans goede resultaten boekt.
(Zie verder: www.vgct.nl)